Luisteren doe je met je ogen

stap 2 • 100%

Dank je wel!

Dank je wel voor je inzet tijdens deze ervaringsmodule. In onderstaand filmpje wil je Rijks-collega Jacqueline Rensen (OCW) je graag nog iets vertellen.

Tips die de omgang met iemand met een auditieve beperking prettiger en eenvoudiger maken:

  • Bij een gesprek moet het gezicht van de spreker duidelijk zichtbaar zijn;
  • Ga altijd eerst vóór degene staan tegen wie je wat wilt zeggen, voorkom een schrikreactie;
  • Zorg ervoor dat er oogcontact is
  • Spreek duidelijk. Goed articuleren en (geen overdreven) mimiek gebruiken.
  • Vertel kort waar het onderwerp over gaat. (bijv. Ik wil je vertellen over mijn vakantie).
  • Steek je hand op en zeg waarom je opeens wegloopt of wat er plotseling gebeurt (de telefoon/het mobieltje gaat; er wordt aangebeld);
  • Praat niet door elkaar. Iemand die doof of slechthorend is, kan maar één persoon tegelijk volgen. Probeer om de beurt te praten, steek even je hand op als je ook iets wilt zeggen;
  • Spreek Algemeen Nederlands. Het dialect heeft vaak een heel ander mondbeeld dan het Algemeen Nederlands;
  • Zorg voor zo min mogelijk achtergrondlawaai. Maak ook geen bijgeluiden, zoals: met kopjes rammelen, ritselen met papier, klikken met de pen;
  • Gebruik korte, duidelijke zinnen. Korte zinnen zijn minder vermoeiend, dus beter voor de concentratie van de dove;

Gebruik ondersteunende gebaren. Steek drie vingers op als je het over bijvoorbeeld drie dagen vrij hebt. Schudt ‘nee’ als je iets ontkennends zegt;

Bron: www.doofenzo.nl